Deze aflevering wordt mogelijk gemaakt door dakzaken“De wereld is alleen maar digitaal, maar analoog is het mooiste.”Mijn Gast Jan Luthart (1951). Jan laat in zijn levensverhaal zien dat een loopbaan niet altijd begint met een strak plan, maar met een houding: nieuwsgierig blijven, leren van de praktijk en pas kiezen als je ontdekt waar je echt goed in bent. Die grondhouding vormt de rode draad door meer dan vijftig jaar werkervaring – en op 75-jarige leeftijd werkt hij nog steeds dagelijks, als freelance assistent bij de bouw van biogas- en Bio-LNG-installaties
Zijn roots liggen in Amsterdam. Hij komt uit een klein, ondernemend gezin, bestaande uit vader, moeder, zijn zus en Jan zelf. Zijn vader was kunstenaar en maker, iemand die lampenkappen en smeedwerk produceerde, maar geen zakenman was en daardoor vaak benadeeld werd. Zijn moeder werkte als kapster aan huis, op de fiets door de stad. In dat milieu leerde Jan de waarde van vakmanschap, zelfstandigheid en integriteit. Het touwtje hing nog uit de brievenbus – vertrouwen was vanzelfsprekend.
Op school was Jan geen uitgesproken uitblinker, behalve in tekenen. Een betrokken meester – meneer Frenkel – stimuleerde hem om zijn talent te volgen. Uiteindelijk koos Jan voor de techniek, niet omdat hij dat als jongen al wist, maar omdat hij het wilde begrijpen. Via de LTS en MTS leerde hij niet alleen iets maken, maar ook waarom iets werkt. Die drang om te doorgronden “waarom iets blijft staan” werd de basis van zijn vakmanschap.
Zijn professionele pad begon in de jaren zeventig bij Stork en Hoogovens, waar hij werkte als tekenaar en constructeur. In die periode groeide zijn inzicht dat techniek een vorm van denken is – driedimensionaal, logisch, en altijd met de praktijk in gedachten. Het leidingwerk dat hij aanvankelijk als “saai” zag, bleek juist de bron van zijn kracht: ruimtelijk inzicht, anticiperen, en perfectie in details.
In de decennia die volgden werkte Jan in uiteenlopende sectoren: procesindustrie, offshore, energie, waterbehandeling en afvalverbranding. Zijn carrière voerde hem langs Gaz de France, NEDSTAAL, GDA Amsterdam en internationale projecten in Brazilië, Dubai en Schotland
Hij was betrokken bij de bouw van zware offshore-kranen, gasproductieplatforms, water- en gasreinigingsinstallaties en stoomketels. Hij stond letterlijk op bouwplaatsen waar een fout niet alleen duur, maar ook gevaarlijk kon zijn. “Het moet kloppen,” zegt hij, “want op zee is er geen marge voor bijna goed.”
Jan noemt zichzelf een analoog denker – iemand die denkt in lijnen, verhoudingen en tussenruimten. In een wereld die steeds digitaler wordt, houdt hij vast aan de kracht van de tekening: een A4 met een pen. Daarmee overtuigde hij internationale engineeringteams dat iets in de praktijk niet kon, ook al klopte het digitaal. Zijn adagium: “De wereld van nu is alleen maar digitaal, maar analoog is het mooiste.”
Zijn beroepsethiek is even scherp als zijn technisch inzicht. Veiligheid, controle en verantwoordelijkheid staan centraal. “Alles wat je doet, moet je controleren tot op het laatst,” zegt hij. Papier en regels zijn niet genoeg; pas als het werkt en veilig is, is het goed.
In complexe projecten, waar stilstand per uur duizenden euro’s kost, kiest hij voor tempo en besluitvaardigheid. “Van de tien beslissingen die ik neem, zijn er acht goed. De twee die fout zijn, corrigeer ik meteen.”
Die houding maakt hem een natuurlijke leider, ook zonder formele macht. In zijn rol als supervisor en manager stond hij bekend om zijn nuchtere conflictaanpak: analyseren, afwegen, en soms letterlijk weglopen als de grens bereikt is. Zijn uitspraak “ik ga naar huis” symboliseert integriteit – het weigeren om concessies te doen aan onveilig of oneerlijk werk. Juist daardoor won hij respect, bij klanten én collega’s.
Privé blijft Jan trouw aan zijn overtuiging dat werk en leven gescheiden moeten blijven. Hij waardeert zelfstandigheid, verantwoordelijkheid en rust. De balans tussen werk en privé is volgens hem essentieel voor een duurzaam leven. En hoewel zijn vak fysiek en mentaal intensief is, kiest hij ervoor om actief te blijven. Niet uit noodzaak, maar uit passie. Op 75-jarige leeftijd werkt hij nog steeds aan de bouw van duurzame energie-installaties – een logische voortzetting van zijn levenslange betrokkenheid bij techniek en de toekomst
Hij ziet met lede ogen dat het technisch vakmanschap in Nederland onder druk staat. “Mijn vakgebied sterft uit,” zegt hij, en dat raakt hem. Hij pleit voor het terugbrengen van herkenbare vakopleidingen zoals LTS, MTS en HTS – opleidingen waarin je leert door te doen, en waarin precisie en trots vanzelfsprekend zijn. Zijn boodschap aan jonge technici is helder: “Blijf zelf denken, stel de waarom-vraag, en neem verantwoordelijkheid.”
Jan Luthart is niet iemand die met pensioen gaat. Hij belichaamt wat hij zelf zegt: fit for purpose. Hij blijft bouwen, omdat hij weet dat zijn kennis ertoe doet. Zijn leven laat zien dat echte meesters niet stoppen – ze dragen hun vak over door het te blijven doen.
Fijn dat je luistert naar PensionadoEmail:patrickoudijk@me.com